Sturen vanuit de cockpit: in de Tour de France én in jouw fabriek

Wie de Tour de France een beetje volgt, weet: renners winnen of verliezen niet meer op pure beenkracht alleen. Elk watt vermogen wordt gemeten. Hartslag, cadans, voeding, gewicht van de fiets tot op de gram, het is één groot, nauwkeurig afgestemd systeem van dashboards, parameters, monitoring en bijsturing. De ploegleider zit in de cockpit. Vanuit de volgwagen ziet hij live wat er tijdens een etappe gebeurt. Hij communiceert met zijn renners, krijgt feedback vanuit elders in de koers en stuurt zijn team bij. Niets wordt aan het lot overgelaten. Doelen, etappewinst, een trui of zelfs de tourzege, worden met uiterste precisie nagejaagd.

In de procesindustrie werken we al jaren met cockpits en dashboards. Toch worden ze lang niet overal optimaal benut. Meestal zijn de systemen aanwezig en zijn data beschikbaar. Maar levert het de juiste parameters op en wordt er in de diverse lagen van de organisatie ook écht op gestuurd? En doet iedereen dat vanuit zijn rol, op het juiste moment en op de juiste manier?

Eerst het doel, dan de parameters

De grootste valkuil? Beginnen bij de data in plaats van bij het doel. Want alleen als duidelijk is waar de organisatie op wil sturen, denk aan maximale output, kostenreductie of kwaliteitsverbetering, kunnen de juiste parameters worden bepaald. En dat doel moet op elk niveau van de organisatie bekend zijn en nagestreefd worden: van directie tot operator aan de lijn.

Op welke parameters ga je sturen?

Vandaag de dag beschikken de meeste organisaties over bergen data. Het is niet zozeer de uitdaging die data te verzamelen, maar om te zorgen dat ze op elkaar aansluiten. En dat je op de juiste data, op het juiste niveau en met de juiste frequentie monitort. Balans is hierbij het sleutelwoord. Stuur je op te weinig parameters dan mis je belangrijke signalen. Richt je je op te veel parameters dan kost dat te veel tijd en raak je bovendien het overzicht kwijt. De kunst is om te bepalen welke parameters er werkelijk toe doen om je doelen te halen en vervolgens alleen daarop te monitoren. Een concreet voorbeeld uit de praktijk? Een productiebedrijf stuurde al jaren intensief en uitgebreid op totale output van een productielijn. Maar het echte knelpunt bleek te zitten in een klein, maar essentieel detail dat telkens over het hoofd werd gezien: een filter dat wekelijks in plaats van tweemaal per week gereinigd wordt. Kleine aanpassing, groot effect.

Rolverdeling, ritme en cadans: wie monitort wat en hoe vaak?

Een cockpit werkt alleen als de monitoring is afgestemd op wie de informatie nodig heeft en waar nodig kan ingrijpen. Elk uur bijhouden op de lijn, dagelijks een ronde door de operator, wekelijks bespreken in het MT, maandelijks evalueren op plant- of directieniveau? Rolverdeling en cadans bepalen of signalen ook daadwerkelijk leiden tot actie. En ook hier gaat de vergelijking met de Tour op: de renner op de fiets handelt op het moment zelf, trainers en ploegartsen bewaken de trends en de ploegleiding stuurt op strategie. Elk niveau beschikt daarbij over zijn eigen informatie, ritme en verantwoordelijkheid. Essentieel is om niet op elkaars zadel te gaan zitten. Vertaald naar de procesindustrie: het MT hoeft niet bij elk rood lampje de operations manager te bellen. Middenmanagement stuurt de vloer aan. En de vloer is alert en koppelt terug. Loopt alles op rolletjes?  Juist dan is het zaak niet achterover te leunen, maar te blijven monitoren. Een machine die snel wegloopt is een klassiek aandachtspunt. En wat dacht je van die keer dat ik ontdekte dat bij een installatie van product was gewisseld, maar het sturingsmodel niet was aangepast?

Context bepaalt strategie

Het belang van onderhoud verschilt bovendien sterk per sector. Of het nu chemie, food of een andere sector betreft. In de ene sector staan veiligheid, integriteit en betrouwbaarheid voorop. In de andere sector spelen kwaliteitseisen, compliance en leverbetrouwbaarheid een minstens even grote rol. Elders ligt de nadruk op maximale beschikbaarheid of het beheersen van kosten. Die context bepaalt de onderhoudsstrategie. Of zou dat in ieder geval moeten doen. 

Inrichten: geen dashboard zonder structuur

Een goed werkende cockpit vraagt meer dan software. De randvoorwaarden zijn: betrouwbare data, parameters die meetbaar zijn ingericht in de systemen en een heldere monitoringstructuur die aansluit op de organisatie en zijn doelen. Met een rondje lopen en af en toe een check red je het niet. Maar ook niet met een dashboard alleen. Met de juiste combinatie van menselijk handelen en slimme software kun je alle benodigde informatie uit diverse delen van de operatie samenbrengen en integreren in een betrouwbaar systeem. Begin daarbij klein. Voer de optimalisering van een dashboard ergens goed door en bouw op basis daarvan stapsgewijs je cockpit verder uit. Een te grote verandering in één keer kan stuiten op weerstand. Bouw in behapbare brokken draagkracht op. Dat is de basis voor alle vervolgstappen.

Monitoring is veel meer dan invullen

Nog even terug naar de fabrieksvloer: met alleen een checklist langslopen en cijfers invullen kom je er natuurlijk niet. Betrokkenheid en eigenaarschap zijn cruciaal. Zorg dus dat mensen het systeem, de in- en output, zien als van henzelf, niet als een verplichting van bovenaf. Als een aanleiding om zelf actie te ondernemen. Of om waardevolle feedback te geven en in overleg te gaan. Betrek mensen daarom bij de inrichting van het systeem, in overleggen en in analyses. Bespreek samen wat data betekenen voor de prestaties en successen en scheid daarbij feiten van meningen en gewoonten. ‘De machine moet draaien' is geen KPI. Dat is hooguit een traditioneel gegroeide routine of een persoonlijke overtuiging. Net als in de Tour draait het om één ding: niet de meest uitgebreide cockpit wint, maar het team dat met de juiste cockpit en gezond verstand het beste leert rijden.

Peter Hunse

Senior Consultant ARV Consulting

a2hs_explain
a2hs_tap
a2hs_then